Tablet 5 mg

Richtlijn

Jeuk

Medicatie

prednison

Dosering

Bij paraneoplastische jeuk: 1x per dag 40 mg in drie weken afbouwen en staken.

Bijwerkingen

Vermindering van de glucosetolerantie en verhoging van de insulineresistentie kunnen optreden, leidend tot hyperglykemie waardoor diabetes kan verergeren of manifest kan worden. Verder kunnen optreden natriumretentie, vochtretentie, verminderde koolydraattolerantie en toename van de eetlust. Als gevolg van de verhoogde eiwitafbraak kunnen spieratrofie, spierpijn en verlamming van de ledematen (steroïdmyopathie) optreden, vooral bij patiënten met afwijkingen in de neuromusculaire transmissie. Na staken kan het weken tot jaren duren voordat herstel optreedt. Verder kunnen ook aseptische necrose van de femorale of humorale kop en peesruptuur (vooral van de achillespees) optreden. Bij myasthenia gravis kan verergering van de symptomen optreden. Hieronder vallen algemene spierzwakte, dubbelzien, omlaaghangen van het bovenste ooglid, slik- en kauwproblemen en ademhalingsmoeilijkheden, en in het ergste geval een myasthene crisis.
Glucocorticoïden kunnen osteoporose en fracturen veroorzaken. Bij kinderen kan groeiremming optreden. Misselijkheid, braken, buikpijn, irritatie van de maag, dyspepsie, diarree of obstipatie, oesofagitis en opgezette buik kunnen optreden. Visusstoornissen. Corticosteroïden kunnen hoofdpijn, duizeligheid, slapeloosheid, rusteloosheid, convulsies en neuropathie veroorzaken. Verder kunnen psychiatrische bijwerkingen voorkomen, waaronder psychose, delirium, persoonlijkheidsstoornis, verwardheid, desoriëntatie, stemmingswisselingen, depressie, euforie, wanen, manie, hallucinaties, angst- en paniekstoornissen, cognitieve stoornissen en zelfmoord(pogingen). Verhoogd risico op myocardinfarct, myocardruptuur (bij gebruik na een recent doorgemaakt myocardinfarct), CVA en hartfalen. Huidatrofie, striae, vertraagde wondgenezing, jeuk, acne, hirsutisme, zweten, kleine bloedingen in de huid, erytheem van het gezicht en Kaposi-sarcoom dat reversibel is na staken van de therapie, kunnen voorkomen. Vanwege de immunosuppressieve werking is vooral bij een hoge dosering het risico op infecties verhoogd en kunnen sommige symptomen van infecties worden gemaskeerd. Latent aanwezige infecties veroorzaakt door bijvoorbeeld Mycobacterium, Pneumocystis jiroveci, Strongyloides en Entamoeba histolytica kunnen manifest worden. Bij chronisch gebruik van corticosteroïden bij latent aanwezige tuberculose wordt chemoprofylaxe aangeraden.vVertigo, hik en acute sclerodermale niercrisis zijn gemeld. Ook is feochromocytoomcrisis na toediening van systemische corticosteroïden gemeld. Na staken van de behandeling kunnen ook onthoudingsverschijnselen optreden, zoals koorts, spierpijn, gewrichtspijn en malaise. Deze zijn niet het gevolg van bijnierschorsinsufficiëntie. Vooral bij kinderen kan bij snel afbouwen verhoogde intracraniale druk met papiloedeem optreden. Verder is tumorlysissyndroom gemeld bij gebruik van systemische corticosteroïden, al dan niet in combinatie met chemotherapie, bij patiënten met maligniteiten (waaronder hematologische en solide tumoren).

Interacties

Afname prednison: de concentratie daalt door efavirenz.
Toename prednison: de concentratie stijgt door cobicistat en ritonavir.
Afname corticosteroïden: de concentratie van prednison daalt door krachtige CYP3A4-inductoren. De interactie is niet relevant bij kortdurend gebruik van het corticosteroïd, zoals een stootkuur of in een chemokuur.
Prednison kan de ulcerogene werking van NSAID’s versterken. Het risico op een peptisch ulcus neemt toe bij hogere leeftijd, hogere doses van NSAID’s en chronisch gebruik van NSAID’s.