Richtlijn
Pijn bij gevorderde stadia van COPD of hartfalen
Medicatie
naproxen
Verwerking
Mag fijngemaakt worden. 275 mg naproxennatrium komt overeen met 250 mg naproxen, 220 mg met 200 mg en 550 mg met 500 mg.
Minste cardiovasculaire bijwerkingen. Volgens de WHO-ladder kan een NSAID gegeven worden bij stap 1 (niet-opioïde medicamenteuze behandeling) en als toevoeging aan een behandeling met zwak en sterkwerkende opioïden.
Dosering
Nociceptieve pijn bij patiënten met een gevorderd stadium van COPD: tot 2x per dag 500 mg.
*Bij ouderen: 2x per dag 250 mg.
*In de stervensfase: staken.
*Bij leverfunctiestoornissen: niet voorschrijven.
*Bij nierfunctiestoornissen: geef ibuprofen of diclofenac.
Bijwerkingen
Zie NSAID’s algemeen. Specifiek voor naproxen: Bij 1-10% van de patiënten: ulcus pepticum, gastro-intestinale perforatie of gastro-intestinale bloeding (soms met fatale afloop en met name bij ouderen en bij hogere doseringen). Verder misselijkheid, dyspepsie, braken, zuurbranden, maagpijn, buikpijn, flatulentie, bloedbraken, (ulceratieve) stomatitis, verslechtering van colitis en de ziekte van Crohn, hoofdpijn, slaperigheid, duizeligheid, oorsuizen, licht gevoel in het hoofd, verminderde bloedplaatjesaggregatie en verlengde bloedingstijd. Bij minder dan 1%: diarree, obstipatie, gehoorstoornissen, visusstoornissen, rillingen, (perifeer) oedeem, allergische reacties (waaronder gelaatsoedeem en angio-oedeem), slaapstoornissen, opwinding, verminderde nierfunctie, huiduitslag, jeuk, blauwe plekken, braken, dorst, purpura, hartkloppingen, vertigo en zweten.
Interacties
Zie NSAID’s algemeen. Specifiek voor naproxen:
De (nefro)toxiciteit van tenofovir disoproxil kan toenemen. Antacida kunnen de absorptie van het maagsapresistente preparaat vertragen.