Tablet 50 mg

Richtlijn

Jeuk

Medicatie

naltrexon

Dosering

Tweede keuze bij cholestatische jeuk: startdosering 1x per dag 12,5 mg, in stappen van 12,5 mg per dag op te hogen tot 1x per dag 50 mg, eventueel verder op te hogen naar 3x per dag 25-50 mg.

Bijwerkingen

Bij meer dan 10% van de patiënten: hoofdpijn, slapeloosheid, rusteloosheid, angst, nervositeit, buikpijn, buikkrampen, misselijkheid, braken, gewrichtspijn, spierpijn en asthenie.
Bij 1-10%: verminderde eetlust, diarree, obstipatie, dorst, verhoogd energieniveau, duizeligheid, draaierigheid, radeloosheid, geïrriteerdheid, stemmingsstoornissen, urineretentie, huiduitslag, vertraagde ejaculatie, erectiele dysfunctie, verminderde potentie, koude rillingen, tachycardie, hartkloppingen, ECG-veranderingen, pijn op de borst, overmatig zweten en verhoogde traanproductie.
Bij minder dan 1%: lymfadenopathie, hallucinaties, verwardheid, depressie, paranoia, desoriëntatie, nachtmerries, agitatie, libidostoornissen, abnormale dromen, tremor, slaperigheid, wazig zien, oogirratie, fotofobie, ooglidoedeem, oogpijn, asthenopie, bloeddrukfluctuatie, blozen, oedeem, verstopte neus, neusklachten, loopneus, niezen, orofaryngeale pijn, verhoogde speekselproductie, sinusklachten, dyspneu, dysfonie, hoest, geeuwen, flatulentie, aambeien, maagzweer, droge mond, leverfunctiestoornis, stijging van bilirubine, hepatitis, stijging van transaminasewaarden, seborroe, jeuk, acne, alopecia, pijn in de liezen, pollakisurie, dysurie, oorklachten, oorpijn, oorsuizen, vertigo, orale herpes, voetschimmel, verhoogde eetlust, gewichtstoename, gewichtsafname, perifere koude, warmteopwellingen en koorts.

Interacties

Naltrexon gaat het analgetische effect van opioïden tegen. Hierdoor kunnen onthoudingsverschijnselen ontstaan. Toevoeging van naltrexon aan een opioïd wordt ontraden, tenzij naltrexon bewust wordt toegepast als antidotum bij overdosering van een opioïd. Andersom kan bij toevoeging van een opioïd acute ademnood optreden. Volgens de Pharmacovigilance and Risk Assessment Committee (PRAC) van het EMA kunnen bovendien ernstige bijwerkingen zoals epileptische aanvallen of het serotoninesyndroom optreden bij gebruik van het combinatiepreparaat Mysimba
(naltrexon/bupropion) met opioïden. Een opioïd dient ten minste 3 dagen voorafgaand aan starten van naltrexon te zijn gestaakt.

De werking van het ontwenningsmiddel nalmefeen, een opioïd met agonistische/antagonistische werking, kan worden tegengegaan.