Tablet 5/10/15/20 mg

Richtlijn

Angst

Medicatie

escitalopram

Verwerking

Mag fijngemaakt worden.
Bij voorkeur eerste week starten met 5 mg/dag.
Overweeg bij gelijktijdig gebruik van een diureticum 5-9 dagen na start of intercurrente aandoeningen met kans op elektrolytstoornissen (bijv. braken of diarree) eenmalig controle serumnatrium i.v.m. hyponatriëmie als mogelijke bijwerking.

Dosering

Startdosering 1x per dag 5-10 mg, afhankelijk van bijwerkingen en effect eventueel ophogen tot maximaal 20 mg per dag.
Overweeg niet te geven voor patiënten boven de 70 jaar.

Bijwerkingen

Bij meer dan 10% van de patiënten: misselijkheid en hoofdpijn.
Bij 1-10%: vermoeidheid, koorts, slapeloosheid, slaperigheid, duizeligheid, paresthesie, tremor, angst, rusteloosheid, abnormaal dromen, verminderde eetlust, verhoogde eetlust, gewichtstoename, droge mond, diarree, obstipatie, braken, sinusitis, gapen, overmatig zweten, spierpijn, gewrichtspijn, verminderd libido, orgasmestoornis bij de vrouw, ejaculatiestoornis en erectiele dysfunctie.
Bij minder dan 1%: oedeem, smaakstoornissen, slaapstoornissen, syncope, tandenknarsen, agitatie, nervositeit, paniekaanvallen, verwardheid, tachycardie, gastro-intestinale bloedingen, gewichtsafname, oorsuizen, neusbloeding, urticaria, alopecia, huiduitslag, jeuk, mydriasis, visusstoornissen, metrorragie, menorragie.

Interacties

Risico op serotoninesyndroom bij gelijktijdig gebruik tricyclische antidepressiva, MAO-remmers, moclobemide, sumatriptan, tramadol, linezolid, pethidine, oxycodon, fentanyl.
Risico op maagbloeding bij gelijktijdig gebruik NSAID’s.
Risico op hyponatriemie bij gelijktijdig gebruik thiazides.
Verhoogt effect van cumarines.
Escitalopram kan het QTc-interval verlengen, het risico op ernstige hartritmestoornissen is verhoogd bij combinatie met andere middelen waarbij ernstige hartritmestoornissen als torsade de pointes zijn gemeld.

Gelijktijdige behandeling van een SSRI met een MAO-remmer wordt ontraden. Aanbevolen wachttijden zijn:
na staken niet-selectieve MAO-remmer, rasagiline of selegiline: ten minste 14 dagen;
na staken moclobemide: 1 dag;
na staken fluoxetine: 5 weken;
na staken citalopram, dapoxetine, escitalopram, fluvoxamine of paroxetine: 7 dagen;
na staken sertraline: 14 dagen.
Serotonerge toxiciteit is in enkele gevallen gemeld na toevoeging van pethidine of tramadol aan een SSRI.
Serotonerge toxiciteit is eveneens gemeld bij combinatie van een SSRI met linezolid (aanbevolen wachttijd na staken linezolid 2 dagen) of methylthionine.
Bij gebruik van een SSRI neemt het risico op een maagdarmbloeding toe als tevens een NSAID wordt gebruikt.
Bij gebruik van een SSRI kan de bloedingsneiging toenemen, hierdoor kan het effect van een VKA of Bruton’s tyrosinekinase (BTK)-remmers (zoals ibrutinib) worden versterkt.
Bij combinatie met een thiazide kan hyponatriëmie optreden.
Bij combinatie met metoclopramide neemt het risico op extrapiramidale verschijnselen toe. Bovendien verhoogt fluoxetine de concentratie van metoclopramide.

Hoog QT-verlengend potentieel (verlenging QTc > 60 ms):
amiodaron
erytromycine hoger dan 1000 mg per dag
kinidine
sotalol

Middelhoog QT-verlengend potentieel (verlenging QTc 10-60 ms):
azitromycine
citalopram
escitalopram
domperidon hoger dan 30 mg per dag
droperidol
erytromycine 1000 mg per dag of lager
flecaïnide
fluconazol
haloperidol hoger dan 5 mg per dag
levofloxacine
methadon
moxifloxacine
ondansetron intraveneus, grondstof

Laag QT-verlengend potentieel (verlenging QTc < 10 ms):
ciprofloxacine
claritromycine
domperidon 30 mg per dag of lager
haloperidol 5 mg per dag of lager
ondansetron oraal, rectaal

Bewaakte setting
procaïnamide
propofol
sevofluraan
terlipressine

Niet ingedeeld (vooralsnog beschouwd als middelhoog QT-verlengend potentieel):
anagrelide
arseentrioxide
chloorpromazine
chloorprotixeen
chloroquine
disopyramide
donepezil
hydroxychloroquine
ibutilide
ivabradine
ketanserine
levomepromazine
oxaliplatine
papaverine intracoronair
pentamidine parenteraal
pimozide
roxitromycine
sertindol
sulpiride
vandetanib